| |
Masculinair weblog
Warning: include() [ function.include]: URL file-access is disabled in the server configuration in /www/c/h/e/cheffen.nl/public_html/weekmenus_totaal/slow_food/index.php on line 127
Warning: include(http://www.cheffen.nl/menukaart/index.php) [ function.include]: failed to open stream: no suitable wrapper could be found in /www/c/h/e/cheffen.nl/public_html/weekmenus_totaal/slow_food/index.php on line 127
Warning: include() [ function.include]: Failed opening 'http://www.cheffen.nl/menukaart/index.php' for inclusion (include_path='.:/usr/local/share/pear:/www/scripts/webshop:/www/scripts/public') in /www/c/h/e/cheffen.nl/public_html/weekmenus_totaal/slow_food/index.php on line 127
Warning: include() [ function.include]: URL file-access is disabled in the server configuration in /www/c/h/e/cheffen.nl/public_html/aardappoll/index.php on line 1
Warning: include(http://cheffen.nl/aardappoll/top.php) [ function.include]: failed to open stream: no suitable wrapper could be found in /www/c/h/e/cheffen.nl/public_html/aardappoll/index.php on line 1
Warning: include() [ function.include]: Failed opening 'http://cheffen.nl/aardappoll/top.php' for inclusion (include_path='.:/usr/local/share/pear:/www/scripts/webshop:/www/scripts/public') in /www/c/h/e/cheffen.nl/public_html/aardappoll/index.php on line 1
Home
Recepten | Slow Food

Recentelijk was de grote baas van Slowfood Carlo Petrini in Nederland. Carlo’s eet-ervaringen in Nederland waren niet altijd even goed geweest, vertelde hij. Maar dat was nu helemaal veranderd. Nederland is goed bezig, sprak Petrini met verbazing. “Dit smaakt allemaal voortreffelijk.” Carlo proefde haring, sprotjes, jonge verse bietjes, ambachtelijke ossenworst, gerookte paling en makreel, doperwtjessoep met karnemelkhangop en dit menu van Eke Mariën, dat wij samen met Carlo en gevolg gekookt en opgegeten hebben. De snoekbaars hadden we ook nog eens vers van een visser, dus ik stond daar voor een man of 30 vissen te ontschubben tot ik zelf de schubben all over had. Maar het enthousiasme van deze Italiaanse culiprofi’s gaf wel aan dat we onze Hollandse pure ingrediënten niet moeten onderschatten en vergeten, van kaas met appelstroop tot Oosterscheldekreeft.

Warme tuinbonensalade met Leidse boter, bonenkruid en Leidse Sleutelkaas
4 personen
2 kilo jonge tuinbonen
100 g gezouten Leidse boter, in blokjes
1 el bonenkruid, gehakt
1 el honing
geraspte schil van ½ citroen
1 el citroensap
50 g jonge bladspinazie, gewassen
150 g Leidse sleutelkaas (oude komijnekaas), in blokjes
Dop de tuinbonen. Dop de grote bonen dubbel. Breng een grote pan met water en zout aan de kook en blancheer hierin de tuinbonen in ± 3 minuten beetgaar. Schep de boter, bonenkruid, honing, citroenschil en – sap door de warme bonen en breng het mengsel op smaak met peper en zout. Laat de bonen nog iets afkoelen en schep er dan de spinazie en stukken kaas door. Serveer de salade lauwwarm.

Gebakken snoekbaars gelakt met appelstroop (uit ‘Puur’ van Restaurant De Librije)
4 personen
400 g snoekbaarsfilet
2 el appelstroop
20 g katenspek, in blokjes
1 sjalotjes, gesnipperd
1 stengel bleekselderij, in ringen
½ dl room
1 sjalotje
1 dl Hollandse witte wijn (apostelhoeve) of Riesling
1 dl visfond
½ dl room
25 g koude boter, in blokjes
2 el bieslook
Bestrooi de visfilets ± 15 minuten voor het bereiden met zout. Rooster de snoekbaars om en om in een hete pan met anti aanbaklaag in iets olie. Begin op de huid. Leg de filets op een bakblik bekleed met bakpapier.
Bak in een hete pan met wat olie de bleekselderij kort aan. Voeg de spekjes en sjalot toe. Roer hier een ½ dl room door en breng op smaak met zout.
Kook de witte wijn met het sjalotje tot de helft in. Voeg de visfond toe en laat weer tot de helft inkoken. Doe de room erbij en kook in tot de saus bindt. Klop er van het vuur met een garde klontjes boter door en eventueel nog een scheutje wijn voor de frisheid. Breng op smaak met zout. Lak de huidjes van de vis met appelstroop en laat ze onder een hete grill doorgaren. Leg de garnituur in het midden van een diep bord. Leg de vis met de huid naar boven erop en lepel de saus er om heen. Bestrooi met bieslook.

frieten, mayonaise en appelmoes
1 kilo Agria of Victoria aardappels, geschild
4 liter pinda olie (arrachide)
1 kilo moesappels
50 g suiker
Eventueel kaneel
Mayonaise
10 ml citroensap (1 el)
1 eidooier
30 g Amora mosterd
1 g zout
3 dl pinda olie
Schil de aardappels en snijd er frieten van. Spoel ze goed onder de kraan om het overtollige zetmeel te verwijderen (dit maakt de frieten slap) en laat ze uitlekken. Leg ze op een doek en veeg ze droog. Verwarm de olie tot 140º C en bak de frieten in kleine porties tot ze gaar zijn in ± 8 minuten. Ze zijn gaar als de friet niet meer glazig ziet van binnen maar wit, kruimig en zacht. Laat de voorgebakken friet afkoelen.
Schil de appels, snijd ze rond het klokhuis in stukken. Breng in een pan een bodempje water aan de kook en voeg de appelparten toe. Draai het vuur laag, zet een deksel op de pan en laat de appels in ± 10 minuten zacht koken. Roer de suiker door de appelmoes en eventueel een vleugje kaneel.
Klop voor de mayo citroensap, eidooier, mosterd en zout tot een glad mengsel en voeg er al kloppende de olie aan toe.
Verhit de frituurpan naar 190º C en bak de frietjes in ± 2 a 3 minuten goudbruin.

Rood fruit en bessen met witte chocolade-ijs
4 personen
Rood fruit en bessen
300 g roodfruit zoals aardbeien, frambozen en bramen
300 g bessen zoals kruis-, bos-, aal- of zwarte bessen
Witte chocolade-ijs
3 dl room
300 g witte chocolade
Pluk de bessen van de steeltjes, verwijder de kroontjes van de aardbeien en was al het fruit.
Verwarm de room in een steelpan tot ± 50 º C (handwarm). Haal de pan van het vuur en smelt er de chocolade al roerende doorheen. Laat het mengsel afkoelen en draai het tot ijs in de ijsmachine. Of doe het mengsel in een plastic bak, zet 3 uur in de vriezer en roer een aantal keer (ongeveer om het half uur) door.
Slow Food

Dit dessert uit de Piemonte is uitstekend geschikt om als interieur voor een dessertaartje te gebruiken. Dit is erg makkelijk om te doen. Gewoon het recept aan houden van het menu alleen de amaretti oplossen in de warme melk, verder gewoon verwerken zoals in de werkwijze beschreven staat.(in sommige Bunet recepten wordt ook wel een deel van de suiker gekarameliseerd en deze wordt dan in het cake blik gegoten, net als crème karamel dat is bij deze werkwijze niet nodig) Qua vorm gebruiken we dan geen cakeblik maar flexipan matten die een kleinere maat hebben dan een taartvorm. Deze matten zijn van siliconen gemaakt en zijn hitte en kou bestendig. Flexipan is de merknaam. Dit soort matten zijn ook te koop bij Mister Tools. Als de compositie rustig gestold is, met mat en al invriezen. Pas verwerken als ze goed zijn aangevroren anders verliezen ze hun vorm. Het interieur is lekker bij een lichte melkchocolade mousse en amandelchocolade bisquit.
Wat ook leuk is, het recept te analyseren en uit elkaar te halen. De hoofdbestanddelen zijn:
Ameretti
Ameretto di soronno
Cacaopoeder
Melk
Eieren
Suiker
Als we deze ingrediënten omgooien kunnen we er een heel mooi desserttaartje mee maken. Zoals een mousse van Italiaanse bitterkoekjes met een gestolde crème van ameretto en een rijk cacaobisquit.

Er zijn natuurlijk meer mogelijkheden, er kan ook een dessert van gemaakt worden zoals;
Schuimig sabayon van ameretto met een cacaosorbet en ameretti croutons.

Kooktechniek | Slow Food

De Piemontezen maken het met de bagna cauda soms nog bonter: dan gaat er ook nog een lekkere scheut room of volvette melk in om ‘m wat zwaarder te maken en een dikkere saus te krijgen. Je krijgt een aardewerken soort theelichtje voor je neus met daarin een grote plas borrelende romige knoflookansjovissaus.

Om de zaak dan niet te verergeren komt de hele groentetuin er bij te pas: stukken kardoen (soort bleekselderijachtige groente, maar bitterder, ook hierdoor te vervangen), repen witlof of raddichio, repen paprika, wortels, bloemkool, venkel, gekookte aardappel, artisjokbodems, hele lenteuien en ga zo maar door, en brood veel brood. En de inderdaad veel broodnodige krachtige rode wijn om al dat vet en smaak weg te spoelen en op te lossen. Of dit een voor- of hoofdgerecht is, het laat in elk geval weinig ruimte meer over voor iets anders, zo ondervond ik recentelijk. Halleluja. Vervolgens hang je door de ansjovis ook de hele nacht aan de kraan. Maar lekker is het wel. De Fransen doen het iets lichtvoetiger, met hun zonnige versie: anchoïade. Ze malen ansjovis met olijfolie, knoflook en azijn fijn in de vijzel en dopen daar ook brood en groente in. Past beter bij het mediterrane zonnetje en een licht glaasje wijn.
Slow Food | Software

Paradepaardje qua kalfsvlees is voor mij het Ternera Gallega van het roodbonte, zogenaamde Rubia-runderras afkomstig uit de Spaanse regio Galicië, wat we zelf rechtstreeks importeren.
Dit ras heeft een robuust gestel en het is uitstekend opgewassen tegen het Atlantische kustklimaat. Het Rubia-vlees heeft een lichte vetdooradering. En ja, we herhalen het nog maar eens: vet betekent smaak!
Het ternerakalf heeft bij de moeder gelopen en gedronken. En doordat het zich ook lekker buiten op de Galicische weidegronden tegoed heeft gedaan aan gras, klaver en kruiden, is het vlees bijzonder smakelijk en mals. Vanwege dit Spaanse groenvoer is het ook iets donkerder dan het doorgaans blanke Hollandse kalfsvlees dat we hier gewend zijn.
Om voor ternera (kalf) door te gaan, mag het dier bij de slacht niet ouder zijn dan 10 maanden. Het zit tussen een pink (een ouder kalf dat zelf nog niet heeft gekalfd) en een vaars (een pink die zelf moeder is geworden) in. Vlees van oudere dieren staat bekend onder de naam añojos (10-18 maanden) en cebones (18-36 maanden).
Qua structuur en smaak heeft ternera een geheel eigen karakter en is niet te vergelijken met ander rund- of kalfsvlees.
Mr Global had het er al over: zalig zachtgesudderd kuitvlees, ‘jarrete de ternera’ van El Bulli...
Lees meer over Ternera Gallega op http://www.terneragallega.com

Slow Food | Software | paddestoelen&truffels

We hadden het er al over in onze eerdere posts: tijdens onze culinaire reis in Noord Italië bezochten we de witte truffelmarkt in Alba, een dorpje in Piemonte. Spannend! Spannender dan de zwarte truffelmarkt, want al doet de naam misschien anders verwachten, zwarte truffels worden niet op een louche onderhandse markt met Napolitaanse praktijken verkocht, waar vrouwen de contrabande heimelijk onder hun vunzige rokken bewaren. Nee, de zwarte truffel kom je gewoon iets vaker tegen (in verschillende delen van Italië, Spanje en Frankrijk) dan deze bijzondere witte uit Piemonte. Verklaart misschien ook waarom Nederlandse restaurants ineens overal zwarte truffelprut op flikkeren? Tussen de eendenborsten, op de ossenhaas, over de carpaccio en als smaakmaker over elk vegetarisch gerecht?
Zwarte truffel. De nieuwe pesto (zie interview met Roberto Payer). Jammer, want in goed gezelschap is de zwarte truffel echt heerlijk, ook al heeft een ietwat overheersende smaak.
Il tartufo bianco di Alba, ook wel het witte goud genaamd, is daarentegen schaarser dan de zwarte en het is best bijzonder die vers aan te treffen. Hij is zeer aromatisch maar heeft een subtielere smaak die sneller vervliegt.
Als ontbijt is enige subtiliteit wel gewenst. Het moet niet té heftig worden zo op de vroege ochtend. Het is een uurtje of half twaalf als we met nog natte kopjes Alba in scheuren. Een taboe in Italië om zo de deur uit te gaan. Een Italiaanse mamma zou je aan je natte haren terug de badkamer in slepen en de hete adem van de föhn zou al met 220 in je nek blazen voor je je uit haar greep hebt weten te ontworstelen. Maar what the hell, we zijn niet in Rome. We hoeven dus ook niet als de Romeinen te doen.
  
En belangrijker, we zijn niet te laat voor de truffelmarkt. De sfeer is er geweldig en eerlijk gezegd meer wat we ons voorstelden van de Salone del Gusto. Kleine lokale kraampjes, met één en al truffeltreat: Truffelhoning, truffelkaas, truffelpaprika’s, truffelworst, truffelravioli, truffelboter, truffelazijn, enzotruffel. Het duizelt truffel op een lege maag. We zien Italianen aan statafels tajarin, ravioli en gebakken ei met witte truffel eten, hompen brood dopend in fonduta, een crème van fontina (een kaas die de Piemontezen uit het naburige Val d’Aosta ‘importeerden’) en truffel. Wij willen dat ook!
Bij de bar bestellen we van alles wat. Meestal zijn de gerechten met verse witte truffel redelijk simpel, je hebt namelijk niet veel nodig: een pasta met botersaus en truffelkrullen, carne cruda (letterlijk rauw vlees, soort filet américain maar dan zonder paprikapoeder) met truffel of een simpele risotto met truffelschaafsel. Slechts één bejaarde man achter de bar heeft truffelschaaf-licensie. Het duurt dus even. Maar het loont de moeite. Na dit heftige ontbijt gaat ieder zijn eigen weg. Inkopen doen.
  
Het meest bijzondere gedeelte van de markt is daar waar de boertjes met hun truffels pronken, onder glazen stolpjes liggen de juweeltjes uitgestald. Wij raken aan de praat met Bruno Rollo, een allerkeuterigst mannetje dat ons tevens zijn lege Nutellapotje afstaat, zodat we onze schatjes in glas kunnen bewaren, “piuttosto meglio che un contenitore di plastica” (beter dan plastic) vertrouwt hij ons toe. We laten onze truffels vervolgens testen bij de truffelcommissie en worden gecomplimenteerd met onze aankoop. Trots als twee aapjes met zeven lullen showen we onze truffel trofee aan de heren Mr Kitchen.
  
“Wel uitkijken dat je hoofd niet op hol slaat na het eten van je truffel”, zegt de commissievoorzitter. “Hoezo dat dan?” Vragen wij onnozel. Met ondeugende pretlichtjes in zijn ogen vertelt hij ons dat de truffel voor de nodige amoureuze gevolgen kan zorgen. Schijnbaar had Mister Meat ons hier al voor gewaarschuwd.
Als dat maar goed gaat in Casa Cheffen! Waar vier Missen en vier Misters onder één dak slapen. Truffelheat… het zal toch wel niet?
Hardware | Slow Food

Ik denk dat deze electrische slow-cookers van Amerika naar Europa zijn gekomen. Jaren geleden waren het bijna uitsluitend mensen die in Amerika gewoond hadden en bij ons naar zo´n pan vroegen. Nu is het een bekend atribuut in de keuken. Zeker nadat Johannes van Dam er lovend over geschreven had is de slow-cooker hier ook echt populair geworden.
In de uitneembare ceramische binnenpan wordt het gerecht gedaan, de temperatuur en de tijd ingesteld en je gaat uren wat anders doen. De pan doet de rest!!
Alleen bij inductie kookplaten kan je de temparatuur zo instellen dat deze voor uren hetzelfde blijft.
Het is niet alleen gemakkelijk, maar voor de werkende mens is het een ideaal apparaat om toch dat lekkere suddervlees te maken.
Probeer dit maar eens op een gaspitje te doen en wie wil nog zo´n stinkend oliestelletje in z´n keuken hebben?
De pannen van de laaste jaren hebben ook de instel mogelijkheid om de pan op een bepaalde tijd automatisch in en uit te laten schakelen. Nadat de ingestelde tijd verstreken is gaat de pan automatisch over in de warmhoud stand.
Dus geen probleem als je na het werk nog even een biertje pakt want je sudderlapjes blijven heerlijk warm.
Slow Food

Na eindeloos veel verhalen van de cheffen over de lekkerste produkten in Italie wil je nog maar 1 ding: koken! Dat kan met het nieuwe weekmenu. Uiteraard wel een menu uit de streek Piemonte. Het begint al met een voorgerecht dat Italianen de hele dag kunnen eten. Als ze honger hebben overdag of ’s avonds dan maken ze bagna cauda. De letterlijke betekenis is warm bad, het bad waar je de rauwe of gare groenten in doopt. Dit gerecht is ondenkbaar zonder zware, simpele rode wijn uit de streek, zoals de barbera. Wil je daarna nog genieten van hoofd- en nagerecht, doe dan “Easy on the wine!”

Geroosterde paprika met bagna cauda
1 groene paprika
1 gele paprika
1 rode paprika
100 gram ansjovisfilets
100 gram knoflook
100 olijfolie
100 gram roomboter
Rooster de paprika’s in een op 250 graden voorverwarmde oven tot ze zwartgeblakerd zijn. Haal ze uit de oven en doe ze in een plastic tas of verpak ze luchtig in aluminiumfolie. Laat 10 minuten staan. Snijd de ansjovis in kleine stukjes en de knoflook in dunne plakjes. Verhit de boter en de olie in een ruime koekenpan boven laag vuur en voeg de ansjovis en knoflook toe. Laat 10 minuten pruttelen tot een saus ontstaat. Ontvel de paprika’s en drapeer ze op een schaal. Giet de ansjovissaus erover, laat even intrekken en serveer.

Kalfsvleesragout met druiven
800 gram biologisch kalfsvlees (schouder of nek)
1 ui
2 tenen knoflook
4 takjes salie
olijfolie
2 dl vin santo
200 gram witte druiven zonder pit
roomboter
1 citroen
grof gemalen zwarte peper
zout
Dep het vlees droog en snijd het in gelijke stukken. Verwijder het overtollige vet, maar snijd niet alles weg. Vet zorgt voor de malsheid van het vlees en geeft smaak. Snijd wel alle (witte) pezen weg, deze zijn taai. Bestrooi het vlees met zout en peper en haal het licht door de bloem. Pel de ui en de knoflook en snijd beide fijn. Hak de salie. Verwarm olijfolie in een grote braadpan en laat heet worden. Bak het vlees rondom bruin. Haal het vlees uit de pan. Temper het vuur en zweet de ui en de knoflook aan. Voeg de salie toe en doe het vlees weer in de pan. Zet het vuur nog 2 minuten hoog en blus dan het geheel met vin santo. Zet het vuur op z’n laagst en doe een deksel op de pan. Laat 30 minuten stoven (niet koken!) en check of het vlees al boterzacht is geworden. Zo niet, dan nog even laten pruttelen. Was en pluk de druiven. Snijd ze over de lengte doormidden. Verwarm de boter in een klein pannetje en roer de druiven erdoor. Breng ze op smaak met peper, zout en het sap van de citroen. Voeg toe aan het vlees en laat het geheel nog 10 minuten staan. Serveer met een wit landbrood of penne pasta.

Bunet
6 eieren
225 g witte basterdsuiker
2 el cacao poeder
4 el amaretto di saronno
5 dl melk
6 amaretti ( Italiaanse bitterkoekjes)
Verwarm de oven voor op 160 graden. Klop de eieren met suiker licht en schuimig. Roer er gezeefde cacao en likeur door. Breng de melk aan de kook, haal van het vuur en voeg de melk geleidelijk en al roerend toe. Schep de amaretti erdoor. Schenk het mengsel in een met slagersfolie bedekt cakeblik. Zet deze in een braadslee en vul die voor de helft met heet water. Zet het geheel 1 uur in de oven op 160 graden. Laat afkoelen buiten de koeling en vervolgens 2 uur opstijven in de koeling.
Slow Food | Software
  
Vandaag gaan we naar de Salone del Gusto. Wij dromen hier al jaren van. Want deze Smaaksalon is dé beurs voor iedereen die zich interesseert voor koken, die ingrediënten respecteert en bewust met eten omgaat. Kortom, dé beurs voor elke salonfähige foodie die hier inlogt.
Omdat we in de wijngaarden van de Barolostreek (zie voorgaande posts) slapen en niet in Turijn, moeten we een klein uurtje rijden. Dat is geenszins een straf. Glooiend in onze Fiats door de Langhe-heuvels zien we langs de weg overal hazelnootbomen in aanplant om in de vraag naar familiepotten Nutella en groothandelverpakkingen Kinderbuenos voor Italiaanse kindertjes te voorzien.
  
Diezelfde Italiaanse kindertjes dauwen ons weg op de beurs met hun grote Invicta-rugtassen en gaan op onze gehakte teentjes staan. Dat vergeven we ze, want we zijn blij om te zien dat de jeugd hier al op vroege leeftijd wordt onderwezen over het belang van bewust en goed eten. Hoe kan het ook anders in Italië? Als je voorgaande stukjes hebt gelezen over deze trip zul je ongetwijfeld de indruk hebben gehad dat het in Italië alleen maar om eten draait. Dat klopt. (Zonnebrillen laten we voor het gemak even buiten beschouwing). Heb je gegeten, dan bel je even met je moeder, die vraagt hoe het met je digestie van de lunch zit. En wat ga je vanavond eigenlijk eten? Weet je trouwens dat de spezzatino van Zia Lucrezia veel te zwaar was na de tajarin met fegatini? Mam, ik moet ophangen, ik heb pasta opstaan. E cosi’ via (ga zo maar door).
Denk nou niet dat Italianen dikke vette varkens zijn die gedachteloos consumeren, ze gaan gewoon op een doordachte wijze met voedsel om, met respect voor seizoenen en producten. In Umbrië bestel je geen vis. Dat doe je maar aan de kust. Dat is die balans waar Roberto Payer het ook al over had en in het kort is dit ook het principe van Slow Food en de rode draad van la cucina italiana.
Maar nu de beurs. We kunnen natuurlijk gortdroge informatie verschaffen over de vele consortia di Slow Food telt, over de myriade van presidia die Slow Food wereldwijd vertegenwoordigt, of over de interessante workshops en forums die plaats hadden op het Terra Madre-gedeelte van de beurs. Maar daar hebben wij toch geen verstand van. We gaan proeven!
  
Trekkerig van een ochtend in de perskamer willen we snel een boccone (hapje). We zien een stand met olive ascolane. Gefrituurde gevulde olijven met kalfsgehakt. We bestellen een zakje en bellen met Mister Kitchen die we kwijt zijn. We kunnen ze niet vinden en bestellen een bakje cicciarelli (rondbuikige gefrituurde ansjovisjes uit Ligurie). Ah, daar is het drietal Mr. Kitchen. Gezamenlijk halen we een Oosterscheldekreeft bij een Nederlandse stand en eten die buiten op de parkeerplaats met de filmcrew van Rai Uno op.
Vervolgens belanden we op een proeverij van il consorzio del prosciutto di Modena. Hier wordt teveel gepraat. Het lijkt het politieke discussieprogramma Porta a Porta wel! Waar blijft het eten? En de wijn? “En waar blijft de Italiaanse valletta, het stoeipoes-knechtje in pailletjesbikini die de microfoon aan de presentator overhandigt?” vraagt Mr. Kitchen zich af. Men rept over brood en ham. In Italië heb je streken waar het brood zonder zout wordt gemaakt (Toscane). Dat komt omdat de ham gezouten is. Andersom is ook het geval. Kwestie van balans. Na een uur krampachtig luisteren krijgen we eindelijk een bolletje gezouten ricotta en ongezouten brood met wat gemarineerd fruit in kruiden en een bodempje mousserende rosé van Ferrari.
  
De mannen zijn weer kwijt. Wij proeven de échte aceto balsamico waar Mister Vanilia eerder over postte. Goddelijk. Echt waar. Ginger slurpt aan een glas olijfolie om de darmwerking te stimuleren, Spice doet zicht tegoed aan een crème van pecorino en stukjes kaas met mostkorst van Nebbiolodruiven bij twee Sardische jongmensen. Waar is toch Mr Kitchen?
Op Beer Lane, of all places ontmoeten we ze weer. Wat een Salon-culinisten! De meest prachtige wijnen, de meest verfijnde producten en wat doet de driekoppige Mr Kitchen? Bier zuipen! We begeven ons naar de proeverij die Mister Beverage in de Enoteca heeft gearrangeerd. Onderweg worden we nog teruggefloten door een portie cremini, gefrituurde blokjes verse melk, soort flannetjes in een zakje. Niet te versmaden.
In de Enoteca ontmoeten we de rest van ons gezelschap. Mr Kitchen en de Kittens zijn compleet! Onze eigen Miss Blossom en Miss Review, Miss Bianca Tan van AT5 en Miss Paparazzi Aranka van de Telegraaf. Zelfs NRC’s culicolumniste Janneke Vreugdenhil vereert ons turbulente diner die avond bij Le Vitel Etonné in hartje Turijn.
  
De besproken tafel van tien uur is nog lang niet gereed en het hele restaurant zit nog vol met andere foodies die we herkennen aan de perspassen van de Salone. De avond is nog aangenaam en we toosten alvast met een spumante metodo classico op het terras. Kwart over elf en eindelijk kunnen we ons gaan verheugen op onze primi, secondi en dolci! Misschien is Spice te nuchter en heeft Ginger te lang in Italië gewoond, maar het lange wachten was het niet helemaal waard. Of zijn we nu culi-snobs geworden? Nee toch? Ach... Gelukkig hebben we een mooi vooruitzicht voor de volgende dag: De truffelmarkt in Alba!
Slow Food | Software
  
Voordat we ons naar wijnhuis Azienda Vitivinicola Batasiolo begeven (zie deel 1 van de reis naar Turijn), frissen we ons op in ons nieuwe onderkomen in de Piemontese wijngaarden.
We slaan de geasfalteerde weg af en rijden over kiezels naar boven, links en rechts geflankeerd door wijnranken. Draai het raampje open! De lucht riekt okergeel en rood. Groen, nattig en fris. Met volle teugen snuiven we de mystieke dampen op waar de Nebbiolodruif zich mee voedt, om vervolgens tot Barolo of Barbaresco te worden. De stereo van onze Croma blaast “Smack my Bitch up” van de Prodigy. Maar wij zijn stil en dankbaar voor al het goeds dat Terra Madre (Moeder Aarde) voortbracht.
  
Tussen de glinsterende bladeren van de wijnranken zien we ons eigen Casa Cheffen opdoemen. Een ruraal bakstenen huis met een feeërieke loggia, oftewel dubbele voorgevel à la Bologna (denk aan de beroemde overdekte colonnades in het hart van die stad) doet ons de adem nog even inhouden.
Siamo arrivati (we zijn er). Voldaan en vol zelfvertrouwen laden de Misters in stilte de auto’s uit. Het is een kodakmoment waard. De man en zijn auto. Even niet storen a.u.b.
 
Na enige discussie over wie bij wie op de kamer gaat (Miss bij Mister of toch maar liever Miss bij Miss) gaan we op weg naar de wijnproeverij. Letizia, een pittige tia uit Argentina, blakend van zelfvertrouwen opgedaan bij haar Amerikaanse marketingcursus, leidt ons tussen vaten van roestvrij Inoxstaal door en verhaalt over Dolcetto, Nebbiolo en Barbera. Na een uur begeven we ons eindelijk naar een grote houten tafel om wat wijnen te proeven. Bij ons aan tafel zitten twee Vlamingen, ze blijken ook in Casa Cheffen te slapen! Het zijn Agnès en Roger. Als oprichters van het nieuwe Slow Food consortium in Mechelen zullen ook zij morgen de Slow Food beurs in Turijn bezoeken. Miss Argentina draait alle glazen met uiterste nauwgezetheid voor met wijn (het zogenaamde vinificare), gooit die vervolgens weer weg en schenkt dan pas voor het echie in. Mr Kitchen 2, gesterkt door de proeverij en gecharmeerd van Argentina’s professionaliteit, nodigt haar en de Vlamingen uit voor het avondmaal. Letizia weet het nog niet, Agnès en Roger accepteren gelukkig terstond.
 
Als we na twee uur weer buiten staan weten we alles over de voornaamste wijnen van de heuvels van de Langhe: de Dolcetto, Barbera, Barbaresco, Nebbiolo en natuurlijk Barolo. Althans, wend je vooral tot onze secondant Mister Beverage voor diepgaande informatie over wijn. Verder dan “smaakt naar meer” komen wij toch niet.
 
Het is trouwens zoetjes aan tijd om aan het avondeten te beginnen. Belg aan tafel! We toasten met een regionale Moscato d’Asti op onze nieuwe Vlaamse vrienden en smullen van al het lekkers dat Mister Kitchen die ochtend op de markt kocht. Mechelse kloek, Philip de Winter en de botte hartpratende Hollander vliegen tussen de geroosterde bieten, tagliatelle en salumi over de tafel. We besluiten het gezellige en luidruchtige tafereel met een discussie over het ontbijt en gaan tevree en moe te bedde.
Morgen eindelijk naar culi-walhalla, de Slow Food beurs. Je hoort nog van ons!
Slow Food | Software

Zoals eerder deze week beloofd hierbij het verslag van de reis naar Turijn, waar dit jaar de Slow Food beurs plaatsvond. In twee Fiat’s reisden wij met acht cheffen af naar Piemonte, Noord-West Italie. Vier misters en vier missen. Een veelbelovende verdeling...
Op vleugels van Red Bull en verfrist door Evian gezichtsspray zoeven we de nacht door richting Zuid Europa. De reis verloopt voorspoedig. Ons Cheffenreispakket sleept ons er doorheen. Huisgemaakte vijgencrostata rond Arnhem, hartverwarmende pompoensoep bij Frankfurt, chocolate chili bites en ontplofte kastanjes bij de filterkoffie in Rasthof weil am Rhein. Focaccia met parmaham en rucola in de Gotthard-tunnel. Indonesische knoflookballetjes bij het krieken van de dag, rond het meer van Lugano.
Als de zon opkomt rijden wij Italie binnen. Op de ringweg van Milaan komen we in de ochtendspits vast te staan en draaien het nationale volkslied om de Italiaanse reizende werknemer een hart onder de kalfsleren riem te steken.
Het is prachtig weer. De zon komt op en weerkaatst de waas van ochtendnevel die tussen de bergen zweeft en als een zachte deken de velden bedekt. Maar hoe dichter we onze bestemming naderen, een wijnhuis van de familie Dogliani in het hart van de Barolo-streek, hoe dichter de mist ineens wordt. Het is een teken. Het is tijd voor de pluk van de Nebbiolo druif.
Nebbiolo komt van het Italiaanse woord nebbia (mist) en is als druif de solist van de befaamde Barolo wijn. Van deze ster zullen we nog vele voorstellingen zien de komende dagen, zoals bij de wijnproeverij van wijnproducent Batasiolo.
Maar eerst een proeverij-onderonsje. We proosten met prosecco op de parkeerplaats van La Morra, het buurtdorpje van ons onderkomen. Mister Beverage laat ons meteen kennis maken met een inheemse witte druif uit de Roero-DOCzonestreek, de Arneisdruif. De Missen zijn bijzonder gecharmeerd van deze fruitige amandelachtige witte wijn en we slurpen dat het een lieve lust is.
 
Mister Kitchen 1, onze eigen Jamie Oliver was al snel richting markt. Huppelend en zwaaiend met plastic zakken komt hij terug met de ingrediënten voor het avondeten. Geroosterde bieten uit de houtoven, grote zoete uien voor in de salade met tuorli rossi (nederlands: knalgele eieren) en pancetta, kalfsworstjes en tomaten voor de tagliatelle. Maar dat is pas vanavond.
Eerst gaan we lekker lunchen. We rijden naar het hoger gelegen gedeelte van La Morra, het maakt een wat uitgestorven indruk. Na navraag bij een slagerij die net gaat sluiten begrijpen we dat er kortsluiting in het dorp is. Corto Circuito. We kunnen dan ook wel eten bij Vineria San Giorgio, maar het zal bij kaarslicht moeten, in plaats van bij het gebruikelijke tl-licht, excuseert de enigzins gestressde eigenaar zich. Kan niet beter denken wij en nemen plaats in de kelder.

Vanuit het donker hebben we zicht op het personeel dat de keuken in en uit rent. Hongerig en ongerust als we zijn dat ze ons niet kunnen zien in het halfduister roepen we telkens als we een schim zien “aaah” en “eccola (daar komt ze)”. De vriendelijke cameriera komt uit leggen dat we wel bagna cauda kunnen bestellen (gegrillde groentes met Piemontese ansjovissaus) maar dan niet met warme groenten. Want de magnetron doet het niet. Ze verdwijnt weer in het donker. En komt terug “Tajarin (soort kruising tussen tagliatelle en spaghetti) kunnen wel, maar lasagne weer niet, want die gaan ook in de magnetron”. Het maakt ons niet uit, zolang we maar snel brood en wijn krijgen.
We beginnen met een mix van antipasti, waarvan de gegrillde aubergines, vitello tonnato en bagna cauda favoriet zijn. Verder eten we kalfstong met salsa rossa en ansjovisjes met salsa verde. We besluiten met twee pasta’s, ravioli met een saus van boter en salie en tajarin met een tradiotionele ragu’. We spoelen deze eerlijke, boerse maaltijd weg met een Barbera uit Asti.
We zijn klaar voor de wijnproeverij bij Batasiolo...
Menpower | Slow Food

Een Cheffen-delegatie ontmoette elkaar afgelopen woensdag voor de FEBO. Symbolisch vertrekpunt van een reis naar de Salone del Gusto (Salon van de Smaak), een culinaire beurs op het gebied van Slow Food in Italie. De komende dagen brengen wij verslag uit van deze ontdekkingsreis.
Toen ‘s werelds meest bekende fastfoodketen in 1985 haar tweede vestiging van ‘Macke Donaldse’ (zoals de Italianen zo mooi zeggen) opende aan de Piazza di Spagna in Rome, vond Italie dat het tijd was in beweging te komen tegen de opmars van fastfood. In 1986 werd daarom de beweging Slow Food opgericht. Tijd om gas terug te nemen. Van fast forward naar slow motion. Van globalisatie naar slowbalisatie.
De Slow Food beweging zet zich af tegen friet, kroketten, frikadellen, eierballen, bamischijven en nasischijven. Kortom, fastfood. Slow Food beoogt de culturele of traditionele keuken te behouden en daarmee ook het oorspronkelijk gebruik van gewassen, zaden, dieren en landbouwgebruiken van een regio. De beweging is opgezet door Carlo Petrini in Italië, maar heeft ondertussen meer dan 80.000 leden in 50 landen. Slow Food wordt ook wel eens beschreven als de "culinaire vleugel" van de anti-globalisten of de "eco-gastronomische fractie" van de ecologische beweging.
Wil je meer weten over de romantische escapades van de Misters en Missen of ben je juist geinteresseerd meer te lezen over de Salone del Gusto, ambachtelijke kazen en hammen? Of spreken de wijngaarden van Barolo je meer aan? Lees dan de komende dagen onze reportage.
|
|