
p.s. Ook dit is niet de cover.
Midden november verschijnt een bundel van alle verhalen die Mr. Global schreef voor Cheffen.nl, aangevuld met reisfoto’s en foodshots. Titel: Reismenu, verhalen in gerechten. Het is het eerste Kook- Reis- en Leesboek van Nederland, en beslist het leukste cadeau voor de feestdagen. Deel I van the making off: de uitgever.
Ik ga vaak op reis naar het buitenland.
Voor reisreportages of foodverhalen.
Onderweg beleef je dingen die niet direct geschikt zijn voor het artikel waarvoor je op pad bent gestuurd. En je hoort anekdotes die voor dat of dat tijdschrift net iets minder geschikt zijn.
Ik besloot die verhalen op te schrijven voor Cheffen.nl. en die hebben jullie allemaal op deze site kunnen lezen. Mijn ontmoeting met Chickenmeat, Scooner en Maltezer in het Royal Federal Hotel in het Australische Branxton. Mister Ho uit Penang die ons meenam naar Melon Sisters. En hoe zou het gaan met Elliot James, een van de laatste pickers uit het Welshe Penclawdd.
Ik hoorde het steeds vaker.
Die verhalen op Cheffen, daar je moet wat mee doen. Ze zijn gewoon te leuk om alleen op internet te lezen. Dus besloot ik er wat mee doen.
Een bundel moest er komen, met voor elk verhaal een bijpassende recept, geïllustreerd met een foodshot en reisfotografie.
Ik polste het idee bij vrienden en kennissen en iedereen reageerde enthousiast.
Aansluitend benaderde ik een close uitgever van Kosmos maar die reageerde direct met gepaste afstand.
Mr. Global was duidelijk niet haar cup of tea.
Ik stuurde de verhalen naar Mets & Schilt, de uitgever van Sylvia Witteman, althans van haar kookverhalen uit de Volkskrant, waarvan ik vond dat die qua opzet en tone of voice wel een beetje bij mijn mogelijke bundelopzet paste.
Geen reactie.
Ik stuurde de verhalen nog een keer naar Mets & Schilt, en omdat de uitgever nog niet reageerde, belde ik.
Niet gezien die mail, klonk het.
“Stuur ze nog een keer als je wilt, naar mij.”
Dus stuurde ik de verhalen nog een keer, en het bleef ook na een maand nog stil.
En toen dacht ik: wat een kutuitgever.
Intussen lag er ook een stapeltje Globals daar, en een ander stapeltje daar. Maar nee, voor de een waren de verhalen te literair, ja echt, ze vonden de verhalen te literair voor het culinaire fonds. Voor een ander waren ze te culinair voor het non-fictie fonds.
En toen kwam Ubel, voormalig winnaar van de Gouden Kroket en De Gouden Fritesspeld
Najaar 2008, spreken we.
Voor het tijdschrift Linda moest ik een artikel schrijven over frituureten, en als het gaat over een vette bek is Ubel Zuiderveld als voormalig hoofdredacteur van de Snackkoerier en huidig FoodExpress al jaren de expert. Allang voordat Bart Chabot en Pierre Wind een boek over frietjes en frikadellen schreven, had hij een naslagwerk over het onderwerp gecomponeerd, en binnenkort verschijnt Ubels boek ‘Mét. Over een Nederlandse eetcultuur’.
Een fastfooddeskundo dus, en een fijne man.
Nadat ik hem journalistiek had uitgezogen over patatjes oorlog en patat paniek, en ik alles wist over seperatorvlees, het geheim van een goede nasibal en de wonderlijke verkoopkracht van de mexicano, spraken we over zijn boeken en vertelde ik over mijn plannen.
“Je moet eens bij Arjen van uitgeverij Kunstmag uit Zutphen aankloppen”, zei hij. "Die wil alleen boeken uitgeven die hij zelf leuk vindt, en als ik jou zo hoor, vindt hij dat idee van jou leuk. Hij houdt juist van die combinatie van culinaire verhalen en recepten."
Ik stuurde Arjen van uitgeverij Kunstmag uit Zutphen een mail met een pakketje Globals. Opnieuw het verhaal over The Big Apple, truffels, Pata Negra, Ginjinha, doerian en Branxton.
Ik hoorde niks.
Ik stuurde Arjen nog een mailtje.
Ik hoorde niks.
Ik stuurde Arjen nog een mailtje.
Ik hoorde niks.
Eind januari belde ik. Ik had een excuus ook.
Voor delicious had ik gesproken met Albert Kooy over de nieuwe Nederlandse keuken, die bij Kunstmag een prachtig boek met dezelfde titel had uitgegeven.
Ik kreeg een vrouw aan de lijn.
Ja, Arjen was erg druk, en het zou best kunnen dat hij zijn mailpost een beetje liet opstapelen.
Zij zou het met Arjen bespreken.
In april belde ik. En ja, hij had ze gelezen.
We moesten maar eens afspreken.
In mei gingen we lunchen in Zutphen bij 't Schulten Hues, een Michelin-restaurant, bleek. Over wie bij Kunstmag ook een boek was verschenen.
Ik vertelde Arjen nogmaals mijn idee, maar dat was allemaal niet nodig. Hij wist al precies wat ik wilde, had de verhalen op Cheffen met liefde gelezen, had ook gesmuld van het interview met Albert Kooy in delicious, en echt, leuk.
Het was tijd voor nog een glas wijn en we namen één en ander tussen allerlei smakelijk lekkers door. Rijk zouden we niet van het boek worden. Hij deed niet aan voorschotten en promotiebudgetten, daarvoor ontbrak het hem simpelweg aan geld, we gingen gewoon een mooi boek maken. Als we gelijk speelden was dat mooi.
Van het eten herinner ik me niet veel meer.
Wel de bijzondere wijnen die ik dronk waaronder een onvergetelijke rosé, waarvan ik nog meer in een roes raakte, want het ging door, ik had het voor elkaar: Mr. Global ging in een bundel.
Opgewonden belde ik verschillende mensen die ik in het boek wilde betrekken, reinigde mijn uitgedroogde wijnmond met Fisherman's Friend, ik zette mijn auto in de vijf en ter hoogte van het landelijke Voorst draaide ik mijn raampje open.
De echo van dat geluid kun je als je goed luistert nog steeds boven de Oostelijke Veluwezoom horen.
[kader]
Ik heb hem nog nooit echt kunnen bedanken voor zijn tip. Dus bij deze: dank je Ubel.

























