Aan het eind van de wereld en dan linksaf, daar zit De Grië sinds april 2006. Paal 8, het hotel waar het onderdeel van uitmaakt is een nogal wonderlijke verschijning hier in de duinen.
40 jaar staat Ton al te koken, 21 jaar in De Grië; 13 jaar met ster in Oosterend. Natuurlijk wil hij hem weer terugkrijgen, want vaste gasten worden er door bevestigd in hun smaak. Al trekt het ook snoevers aan. Maar te onderhandelen viel er niet, ondanks het opvallend goede dossier. Verhuizing is verhuizing, aldus de Rode gids.
Wennen is het wel, om 7 dagen in de week het ontbijt, de lunch en het diner te doen voor de aanwezige hotelgasten, maar de nieuwe uitdaging bevalt.
Wilde eend, zeekraal, zeeaster, aardbeien en schapenkaas, allemaal producten van het eiland Terschelling. In het menu worden ze verwerkt. Ook de verdwaalde Japanse oesters die jaarlijks in de haven worden geplukt. Niet te ingewikkeld, soms met een link naar Oosterse gerechten. Smaak gaat voor smoel, dus imponeren met kunstjes gebeurt niet. Zijn beste gerecht, zijn signature dish, is een saus: gemberbieten saus.
Veel mensen denken over gastronomie, beetje koken, beetje praten met je leveranciers, terwijl het volgens Ton eigenlijk een spoedcursus vloeken is. Toch merkt hij wel dat de kennis over de producten van zijn gasten groter is geworden. Wat betreft bedreigde vissoorten, koks zouden gezamenlijk integraal een afspraak moeten maken, deze niet te gebruiken. Eventueel als kweekvis. Hoewel dat eigenlijk niet lekker is. Een alternatief als skrei, wel vers en niet bedreigd, uit de Noorse waterweg, zet Ton liever op de kaart. Want Ton is een Terschellinger geworden en dat betekent: zelfstandig en met een vrije geest.
Dinsdag als hij vrij is schuift hij ’s middags aan aan de stamtafel in het café. Dan heeft hij er al weer een paar uurtjes opzitten met zijn andere hobby: tulpen kweken.

























